Naar de inhoud
Colliewijzerde collie, nagekeken bij de bron

Pup en opvoeding

Waarom een collie blaft, en wat eraan helpt

Het meest gemelde punt bij dit ras, behandeld via de oorzaak. Wie alleen het geluid aanpakt, houdt de aanleiding in stand.

Collie staat achter een houten tuinhek met open bek naar de straat gericht, gevallen bladeren op de grond, laat daglicht

Blaffen is bij dit ras zelden ongehoorzaamheid. Het hoort bij een hond die volgens zijn rasstandaard is geselecteerd om als herdershond te werken, en werken betekent beweging beantwoorden. Deze bladzijde begint daarom bij de aanleiding en niet bij het geluid, want wie alleen het geluid aanpakt, houdt de aanleiding in stand en krijgt hem een week later terug.

Waar het vandaan komt

Een drijvende hond gebruikt zijn stem als gereedschap. Bij het werk waarvoor het ras is ontstaan, is geluid een manier om beweging te sturen en om afstand te overbruggen. Die functie verdwijnt niet in een woonwijk; hij verandert alleen van onderwerp. De fietser, de postbode, de auto die remt en het rennende kind zijn allemaal beweging waar de hond iets mee wil.

Daaruit volgt meteen waarom straffen zo slecht werkt bij dit gedrag. Het blaffen zelf is de reactie, niet de oorzaak; als de prikkel blijft en de reactie wordt onderdrukt, blijft de spanning die eronder zit staan. Wat er wel aan te doen is, gaat dus over de prikkel.

De vier situaties waarin het vrijwel altijd begint

De vier terugkerende aanleidingen bij een drijvende hond, en waar de eerste maatregel zit.
SituatieWat de hond zietWaar je begint
Het raam op de straatDe hele dag beweging op een vaste lijnZichtlijn wegnemen of de ligplaats verplaatsen
De tuin langs de erfgrensBeweging vlak achter een hek, dus dichtbij en onbereikbaarAfstand tot de grens vergroten of de tijd alleen buiten verkorten
De deurbel en de gangEen vast signaal gevolgd door beweging in huisEen vaste plek geven waar de hond naartoe gaat voordat de deur opengaat
Spel dat te lang doorgaatBeweging die steeds sneller wordt zonder eindeHet spel afsluiten voordat het piekt

In alle vier de gevallen is de eerste maatregel een verandering in de omgeving en niet in de hond. Dat is geen omweg maar de kortste route: een hond die de aanleiding niet twintig keer per dag krijgt, oefent het gedrag ook niet twintig keer per dag.

Wanneer het een probleem is geworden

Blaffen bij iets nieuws is normaal gedrag. Het wordt een probleem als het aan drie kenmerken voldoet: het start bij steeds meer verschillende prikkels, het duurt langer dan de aanleiding, en de hond komt er daarna niet meer van naar beneden. Dat laatste is de bruikbaarste maat, want die kun je thuis waarnemen zonder te tellen.

Een hond die na een blafmoment weer gaat liggen, is bezig met wat hij hoort te doen. Een hond die daarna blijft ijsberen, hijgen of van raam naar raam loopt, staat structureel te hoog. Dan gaat het niet meer over dat ene raam maar over de dagindeling, en over de vraag of hij ergens ligt waar hij echt tot rust komt.

Wat er eerst in de omgeving verandert

Begin bij het uitzicht. De goedkoopste maatregel in dit hele onderwerp is een mand die niet meer op de straat kijkt, of een raam waar de onderste helft niet doorzichtig is. Daarna komt de tuin: een hond die urenlang alleen langs de erfgrens loopt, houdt zichzelf bezig met precies het gedrag dat je kwijt wilt.

Kijk daarna naar het ritme van de dag. Een hond die vier keer per dag kort iets spannends meemaakt en er nooit helemaal van naar beneden komt, blaft niet omdat hij te weinig gedaan heeft maar omdat hij nooit klaar is. Waar zo'n rustplek het beste ligt, staat bij leven met een collie in huis en tuin.

Wat je daarna traint

Pas als de aanleiding minder vaak voorkomt, is trainen zinvol. Twee dingen werken bij dit ras het best. Het eerste is aandacht op afstand: de hond mag de prikkel zien op een afstand waarop hij nog naar jou kan kijken, en dat kijken wordt beloond. Vervolgens breng je de afstand in kleine stappen terug. Het tweede is een vaste plek waar de hond naartoe gaat bij een bekend signaal zoals de deurbel, zodat hij iets te doen heeft dat niet blaffen is.

Beide zijn traag en allebei blijven ze werken, omdat ze aan de aanleg tegemoetkomen in plaats van hem te bestrijden. De opbouw daarvan staat bij opvoeden met de aanleg mee.

Wat het gedrag juist versterkt

Er zijn reacties die het probleem vergroten en die bijna iedereen weleens gebruikt. Meeroepen is de eerste: voor een hond die met stem werkt, klinkt dat als meedoen. Naar het raam lopen om te kijken is de tweede: dat bevestigt dat er iets te melden viel. Afleiden met iets lekkers op het moment zelf is de derde: dat beloont de toestand waarin de hond op dat moment zit.

Apparatuur die reageert met geluid, trilling of een prikkel hoort hier niet thuis. Zij koppelt iets onaangenaams aan precies de prikkel waar de hond toch al scherp op is, en bij een gevoelig ras is de kans op nieuwe problemen groter dan de kans op een oplossing.

De volgorde die werkt

  • Noteer een week lang waar en wanneer het blaffen begint, en niet hoe vaak.
  • Haal als eerste de zichtlijn weg waar de meeste aanleidingen vandaan komen.
  • Kort de tijd in die de hond alleen langs de erfgrens doorbrengt.
  • Geef hem een vaste plek voor bekende signalen zoals de deurbel.
  • Beoordeel het resultaat aan hoe snel hij naar beneden komt, niet aan het aantal keren.
  • Zoek een gedragsdeskundige zodra het gedrag maanden duurt of erger wordt.

Wat er bij dit onderwerp misgaat

  • Er wordt geoefend op de plek waar de hond al te hoog zit, waardoor er niets te leren valt.
  • Er wordt meegeroepen, wat voor een hond die met stem werkt als meedoen klinkt.
  • Het blaffen wordt afgestraft terwijl de aanleiding blijft bestaan.
  • De hond krijgt meer beweging om het eruit te krijgen, waarna hij nog scherper wordt.
  • Er wordt gemeten in aantallen keren in plaats van in hersteltijd.
  • De eerste maanden worden afgewacht omdat het bij de leeftijd zou horen.

De beslissing. Verander eerst wat de hond ziet, dan wat hij doet, en pas daarna wat hij hoort van jou. Blijft het gedrag ondanks die volgorde bestaan of neemt het toe, schakel dan een gedragsdeskundige in; bij een hond die op beweging reageert loont het om daar vroeg bij te zijn. Wie hier vooraf van wil weten, leest of dit ras bij het eigen huishouden past.